Totaal aantal pageviews

zaterdag 29 december 2012

Een lekke band komt nooit alleen. (bis)

Terwijl alle velomobielen in Nederland zijn voor de Oliebollentocht ben ik in het land en neem ik de ShockProof voor een toertje. Het is immers droog en niet zo koud voor de tijd van het jaar (zegt Frank Deboosere). Er staat wel een harde wind en die blaast me noordwaarts voor het eerste deel van een variante op de Ledebeekroute. Ergens op het verste punt, loopt een stuk onverhard langsheen de Moervaart. Het is amper 1 km lang en dat kan de SP wel hebben. Voor mij rijdt een kleine auto die daar volgens de verkeersborden eigenlijk niet mag zijn aan een gezapig gangetje van 20 km/u. Het wordt wat surrealistisch. Ik bel om hem in te halen en na een minuutje heeft de chauffeur het door. Hij gaat aan de kant en ik kan er voorbij. Dan gebeurt het. Ik voel de bulten en putten in het ontbrekende wegdek steeds beter en de snelheid gaat drastisch naar beneden. De onmiskenbare symptomen van rijden met een lekke band. Ik stop en begin weer aan de onvermijdelijke klus. Buitenband er af, binnenband eruit. Controleren. Geen spijkers. Reservebinnenband er in. Ik weet dat de buitenband niet zo gemakkelijk op de 451 velgen gaat maar wat eerder kon moet nu ook wel lukken. Met het nodige geduld kom ik er wel. Niet dus. Ik was ondanks mijn relatief lichte kledij flink bezweet maar koel nu erg af. Ik heb dan ook niet veel massa om de warmte te bewaren. Mijn handen worden stram en de band raakt er niet met de blote hand op. Ik heb gewoon niet genoeg kracht in mijn vingers. Ze doen pijn en mijn polsen geven het op. Dan maar een onorthodoxe methode: gebruik maken van een bandenlichter. Hopen dat dit goed gaat en de reserveband niet geraakt wordt. Pomp op het ventiel en blazen maar. Niet dus. De reserveband blijkt ook lek. Ik ben ondertussen zo afgekoeld dat opnieuw demonteren en plakken me geen optie meer lijkt. Hoe zou ik het gesis van de lucht door lek horen met een fikse wind om de oren? Daar sta ik dan weer. Deze keer op 25 km van huis. De gekende noodlijn gebeld. Dat heet dan liefde. Zonder zeuren en met een troostend woord komt mijn bewaarengel me redden.
Moraal van het verhaal. Neem steeds een warme jas mee in de winter. Doe ik altijd, behalve één enkele keer. Zorg dat je geregeld je reservespullen controleert. Wat op een beschutte en warme plek haast vanzelf gaat lukt niet noodzakelijk in de open lucht. Een bewaarengel is in het leven één van de mooiste dingen die je kan overkomen.